Waarom de termijn van 30 jaar voor een AZC op Berg en Bosch volledig buiten proportie is
27 november 2025
Een analyse van landelijke praktijk + een oproep tot gezond verstand.
Nederland kent al decennialang opvanglocaties voor asielzoekers. Dat is niets nieuws, en veel gemeenten leveren daarin, soms vrijwillig, soms onder druk, hun bijdrage. Wat wél nieuw is, is dat sommige gemeenten nu contractduren overwegen die volledig uit de pas lopen met de landelijke praktijk. De Bilt is daarvan een extreem voorbeeld: een voorgestelde looptijd van 30 jaar, langer dan wat vrijwel enig ander regulier AZC in Nederland kent.
Om te begrijpen hoe uitzonderlijk dit is, moeten we eerst kijken naar wat in Nederland normaal is. Dat beeld is verrassend helder, want hoewel het COA geen centrale lijst van contractduren publiceert, volgt uit tientallen gemeentelijke bestuursovereenkomsten één ding consistent: reguliere opvang wordt tijdelijk neergezet, noodopvang nog veel korter.
Hoe lang staan AZC’s normaal in Nederland? De praktijk in heel Nederland: 5 tot maximaal 15 jaar
Wanneer COA en gemeenten afspraken maken over een AZC, leggen ze dat vast in een bestuursovereenkomst. Daarin staat altijd een looptijd. Die verschilt per locatie, maar valt vrijwel altijd binnen dezelfde bandbreedte:
Contractduren van meer dan 15 jaar zijn feitelijk niet in gebruik binnen het Nederlandse opvangstelsel. De bovengrens van 15 jaar komt voort uit rijksregelingen die investeringscycli koppelen aan looptijden. Het is dus geen keuze, maar een harde beleidsmatige grens.
Voorbeelden uit recente bestuursovereenkomsten:
We zien dus een duidelijke, bijna uniforme praktijk: reguliere opvang 5–10 jaar, incidenteel richting 15, maar nooit langer. Dat maakt de Bilthovense 30 jaar niet “ambitieus”, maar absurd. Het staat haaks op wat landelijke richtlijnen, bestuurlijke ervaring én gezond verstand voorschrijven.
Waarom 30 jaar in De Bilt overtrokken is:
1. Het gaat ver voorbij aan landelijke normen:
Een termijn van 30 jaar is niet gangbaar, niet gebruikelijk en beleidstechnisch nergens op gebaseerd. Het is langer dan de maximumduur van COA-subsidieregelingen. Langer dan een termijn waarover gemeentebesturen realistische afspraken kunnen maken. Langer dan de levensduur van veel gebouwen die nu gebruikt worden als opvang.
Het is alsof men zegt: “We zetten iets neer waarvan we nu al weten dat toekomstige gemeenteraden het maar moeten uitzoeken.”
2. Het creëert een permanent opvang-regime in een gemeente die daar nooit voor heeft gekozen
30 jaar is geen “opvangtermijn”, het is een generatielange ruimtelijke ingreep.
Kinderen die nu worden geboren in De Bilt zullen als volwassenen nog steeds met dezelfde opvanglocatie te maken hebben, ongeacht of de nationale situatie dat nog rechtvaardigt. Dat is niet tijdelijk. Dat is structurele herbestemming van een woon- en leefomgeving zonder democratische legitimatie.
3. Het maakt bijsturen onmogelijk
Nederlandse opvangbehoeften schommelen sterk. Pieken en dalen horen erbij. Daarom worden termijnen bewust kort gehouden, zodat er flexibiliteit blijft. 30 jaar garandeert het tegenovergestelde: dat je vastzit. Of er nu wel, niet of minder opvang nodig is: Berg en Bosch wordt in dat geval ingrijpend geraakt, tot 2055.
4. Het ondermijnt draagvlak
Het is geen geheim dat langdurige en grootschalige opvang in een gemeente stevig ingrijpt in leefbaarheid, voorzieningen, woningdruk en veiligheid. Wanneer het gemeentebestuur van De Bilt een termijn van 30 jaar op tafel legt, zegt dat feitelijk tegen alle inwoners: “Uw zorgen doen er niet toe, en uw toekomstige kinderen krijgen dezelfde erfenis.”
5. Het druist in tegen het principe van “tijdelijke opvang”
Asielopvang is bedoeld als tijdelijke huisvesting totdat asielzoekers doorstromen of terugkeren. De huisvesting zelf moet dan óók tijdelijk zijn. 30 jaar is niet tijdelijk, dat is infrastructuurpolitiek. Dan moet je eerlijk zijn en zeggen: “Wij willen een permanent AZC.”
Conclusie:
30 jaar is niet alleen disproportioneel, het is bestuurlijk onverantwoord.
Dat kan niet de bedoeling zijn van goed bestuur. De Bilt verdient beter, geldend voor alle kernen in de gemeente.